In het voorjaar van 2005 was Antwerp op zoek naar een keeper. Murray Richards en Adam Commens hadden Joep Welten opgemerkt bij de Nederlandse hoofdklasser Den Bosch. Had hij zonder meer zijn plaats in die competitie, dan wilde Joep ook in het beroepsleven verder. Bij Antwerp viel zoiets toen nog te combineren. En zo kwam het dat Murray en ik op een mooie avond in mei van dat jaar met een joviale Brabantse krullenbol aan tafel zaten in restaurant ʻLas Mañasʼ. Een tweede gesprek bleek nooit echt nodig, want Joep wilde écht.

Vanaf dag één sloot Antwerp Joep in de armen. Hij werd al snel een attractie op de Belgische velden. Imponerend en zuiver, met zelden geziene reflexen. Sterk op zijn lijn en in de lucht. Secuur en vaak onverslaanbaar. Na al die jaren hadden we eindelijk een keeper in huis die matchen kon winnen. Een publiekspeler met een hoge aaibaarheidsfactor, die zich naast het veld verzekerd zag van een trouwe schare supporters bij wie hij geen kwaad aanrichten kon. Ook na de wedstrijd toonde deze no-nonsense Hollander zich een toegankelijk mens met het hart op de juiste plek.

Brabant zou jarenlang vruchtbare grond voor Antwerp blijken: Piet-Hein Geeris, Marc Van Wijk, Mark-Jan Kleijssen, Willem Gassner (de slimste van allemaal), Matthijs Brouwer, Mark Caspanni, Erik Van Wanrooy... allen deden of doen ze waar ze voor gehaald waren. Stuk voor stuk harde werkers... fijne mensen ook. Brabanders zijn feitelijk halve Belgen. Daarom dat ze zich zo makkelijk op Antwerp integreren: ze begrijpen onmiddellijk hoe de verhoudingen binnen de club liggen. Toch onderscheidde Joep zich binnen die Brabantse garde al snel als een klasse apart.


Aan goed spelen had hij geen boodschap, outstanding was zijn credo. In het gezegende kampioensjaar was hij zonder meer de beste keeper van het land. Met twee miraculeuze reddingen zetten hij de strafballenserie die over de landstitel beslissen zou naar zijn hand en maakte hij de weg vrij voor de beslissende stroke van Ben Bishop... De rest is geschiedenis, onze eerste landstitel was een feit. Nu Joep vertrekt is Nicolas Laddyn straks de enige resterende speler van de generatie die Antwerp uit de anonimiteit hielp. Op zes jaar tijd wandelde 95% van de kampioenskern de deur uit. Geduldig maar vastberaden daalde de koude hand van de nieuwe zakelijkheid ook over ons hockey neer.

Een landstitel die we duur zouden betalen. Eens de feestelijkheden en het kampioenenbal voorbij kwam een sortie des artistes op gang waarvan we ons nooit zouden herstellen. Met Adam Commens vertrok een leider en een cruciale brok ervaring. Ook de sportwereld smacht naar charismatische leiders.

Het team raakte op drift en al snel zakten we weg uit de kopgroep. Eén keer nog haalden we de play-offs maar de laatste jaren kregen we het ook tegen zogenaamd mindere ploegen vaak moeilijk. Het behoud werd vaak pas in de slotmatchen verzekerd. Alleen Joep bleef voor altijd en werd gezichtsbepalend. Ambitieus en bescheiden, een uitzonderlijk mooie combinatie voor een sportman. Ook lichtjes geteisterd, want anders ga je geen leven lang tussen de palen staan.

Jaar na jaar meldden zich in augustus nieuwe baasjes aan de Onstpanningslaan, maar een echte leidersfiguur daagde niet meer op... Een rol die Joep uiteindelijk ook op zich zou nemen. Noodgedwongen vaak. Als een pocketgeneraal die een match kon lezen, maar ʻm ook kon spelen. Jonglerend met zijn talent en praatvaardigheid, vaak met granieten verbetenheid zijn verdediging aansturend, doch altijd baas in eigen doel.

Naarmate de jaren vorderden ging Joep steeds vaker op zijn klasse spelen. Wanneer we -wat de laatste seizoenenregelmatig gebeurde - onder de druk van de omstandigheden en steeds jongere en wisselende verdedigers in de problemen kwamen, legde hij de wedstrijd gewoon met zijn mond stil. Voerde hij discussies met de scheidsrechters die hij onderhand allemaal kende. Comedie du pouvoir... vertoningen die minder erg waren dan ze soms leken. Een samenzwering van felle emoties en ongekunstelde ideeën, typerend voor topsport. Een combinatie van gespeeld verdriet en frustratie, vaak inspelend op het minderheidssyndroom dat Heren 1 een tijd in zijn greep hield, prikkelend en provocerend, zelden stout, maar altijd efficiënt...

Dan, met nog een paar minuten te spelen en om de punten te vrijwaren, elke match opnieuw, de legguard uit, het masker af... de timeout afdwingend bij de arbiter. Het slotoffensief van een wanhopige tegenstander met één simpele tussenkomst paralyserend. Weg druk, weg gevaar. Zonder één bal te raken. Cabaret op hoog niveau.

Wanneer sporthelden stoppen reduceert hun erelijst zich tot een reeks cijfers. Hun grootheid wordt plots herleid tot een reeks losse herinneringen. Die zijn er met Joep volop en samen met vele anderen meld ik me graag als de conservator ervan. Het wordt wennen wanneer straks iemand anders onder de lat plaatsneemt, maar ik hoop dat Joep op een of andere manier bij Heren 1 betrokken blijft om zijn expertise en verleden te delen met de jongere generaties.

Ondertussen worden in de club de vervangers tegen elkaar afgewogen. Doch wie het ook moge worden, één zaak staat vast: de kandidaten kunnen veel van Joep Welten leren.

Zon op je wegen,
Dominique